ONZE VERVOERDER HEEFT AANGEGEVEN HET ERG DRUK TE HEBBEN - HIERDOOR KAN UW PAKKET EEN DAG LANGER ONDERWEG ZIJN DAN NORMAAL. 

HonKa Petproducts | yesterday

Giardia bij honden en katten: symptomen, behandeling en herbesmetting

Giardia is een microscopisch kleine darmparasiet die bij zowel honden als katten voorkomt. Vooral jonge dieren en dieren die in groepen leven, zoals in kennels of catteries, worden relatief vaak besmet. Maar een positieve Giardia-test betekent niet automatisch dat Giardia ook de oorzaak is van alle darmklachten — en niet ieder besmet dier wordt ziek.


Sommige honden en katten dragen Giardia bij zich zonder duidelijke klachten. Andere dieren krijgen juist terugkerende of aanhoudende diarree, gewichtsverlies of andere maag-darmklachten. Vooral bij pups en kittens kunnen de klachten duidelijker aanwezig zijn.


Ook na een behandeling kan Giardia opnieuw worden aangetoond. Dat kan verschillende oorzaken hebben, waaronder herbesmetting vanuit de omgeving. Daarom bestaat een goede aanpak niet alleen uit medicatie: ook hygiëne, de klachten van het dier en de omstandigheden waarin het leeft spelen een belangrijke rol.


In dit artikel lees je wat Giardia is, welke klachten erbij kunnen passen, hoe de diagnose en behandeling verlopen, waarom Giardia soms opnieuw wordt gevonden en wat je zelf kunt doen om herbesmetting te helpen beperken.

Wat is Giardia en hoe raakt een hond of kat besmet?

Giardia is een eencellige darmparasiet. Bij honden en katten gaat het meestal om Giardia duodenalis. De parasiet leeft in de dunne darm en kent twee belangrijke vormen: de actieve vorm, de trofozoïet, en de cyste, die via de ontlasting in de omgeving terechtkomt.


Juist die cysten zorgen voor de verspreiding. Ze zijn direct besmettelijk wanneer ze met de ontlasting worden uitgescheiden en een hond of kat kan besmet raken door ze via de bek op te nemen. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren via besmette ontlasting, water, oppervlakken of de eigen vacht en poten. Giardia wordt daarom vooral via de fecaal-orale route overgedragen.


In een koele en vochtige omgeving kunnen Giardia-cysten weken en onder gunstige omstandigheden zelfs maanden infectieus blijven. Drukke leefomgevingen en plaatsen waar veel dieren bij elkaar komen, zoals kennels en catteries, kunnen de verspreiding daardoor vergemakkelijken. Jonge dieren worden bovendien relatief vaak besmet.


Een besmetting betekent echter niet automatisch dat een dier ziek wordt. Sommige honden en katten scheiden Giardia uit zonder duidelijke klachten, terwijl andere dieren wel maag-darmproblemen ontwikkelen. Daarom moet een positieve Giardia-test altijd worden bekeken in combinatie met de klachten en de situatie van het individuele dier.

Welke symptomen kan Giardia veroorzaken?

Een Giardia-besmetting verloopt niet bij ieder dier hetzelfde. Sommige honden en katten hebben helemaal geen zichtbare klachten, terwijl andere dieren duidelijke maag-darmproblemen ontwikkelen. Vooral bij jonge dieren kunnen de klachten meer opvallen.


Het meest kenmerkende probleem is terugkerende of aanhoudende diarree. De ontlasting is vaak zacht tot slecht gevormd, kan slijm bevatten, bleek van kleur zijn, sterk ruiken en soms een vettig uiterlijk hebben. De klachten kunnen een tijd verdwijnen en vervolgens weer terugkomen.


Andere mogelijke klachten zijn:


• Gewichtsverlies

• Verminderde eetlust

• Buikklachten

• Soms braken

• Lusteloosheid


Opvallend is dat zeer waterige diarree niet typisch is voor Giardia en bloed in de ontlasting meestal niet voorkomt. Dat betekent natuurlijk niet dat Giardia onmogelijk is wanneer de ontlasting er anders uitziet, maar het laat wel zien waarom je op basis van de ontlasting alleen geen betrouwbare diagnose kunt stellen.


Giardia kan de werking van de dunne darm verstoren en daarmee de opname van water, elektrolyten en voedingsstoffen beïnvloeden. Bij klinische giardiose kan daardoor ook sprake zijn van een verminderde opname van voedingsstoffen en vetten.


Klachten die bij Giardia passen, kunnen echter ook door allerlei andere maag-darmaandoeningen worden veroorzaakt. Alleen de symptomen zijn daarom niet voldoende om vast te stellen dat Giardia daadwerkelijk de oorzaak is.

Infographic over Giardia en darmklachten bij honden en kattenInfographic over Giardia en darmklachten bij honden en katten

Giardia kan bij honden en katten verschillende darmklachten veroorzaken, maar een besmetting verloopt niet bij ieder dier hetzelfde.

Hoe wordt Giardia bij een hond of kat vastgesteld?

Alleen aan de ontlasting of klachten kun je niet met zekerheid zien of een hond of kat Giardia heeft. Voor de diagnose wordt daarom ontlasting onderzocht. Daarbij kunnen verschillende testmethoden worden gebruikt.


Een dierenarts of laboratorium kan onder andere zoeken naar Giardia-cysten onder de microscoop of testen op Giardia-antigenen in de ontlasting. Ook PCR-onderzoek, waarbij DNA van Giardia wordt aangetoond, is mogelijk. Welke test wordt gebruikt, kan per dierenarts, laboratorium en situatie verschillen.


Een belangrijk punt is dat Giardia-cysten niet voortdurend in dezelfde hoeveelheid worden uitgescheiden. Daardoor kan één ontlastingsmonster negatief zijn terwijl een dier toch besmet is. Bij een sterke verdenking kan daarom onderzoek van meerdere ontlastingsmonsters nodig zijn. Merck noemt bijvoorbeeld monsters die gedurende enkele opeenvolgende dagen worden verzameld.


Kun je Giardia ook zelf testen?

Er bestaan ook Giardia-sneltesten voor thuisgebruik. Daarmee kun je zelf een ontlastingsmonster testen op Giardia-antigenen. Dat kan handig zijn wanneer je bij darmklachten een eerste indicatie wilt krijgen of wanneer je tussentijds opnieuw wilt testen. Houd er wel rekening mee dat een thuistest geen volledige diagnose vervangt. Een negatieve uitslag is natuurlijk fijn om te zien, maar sluit Giardia niet altijd met zekerheid uit. Giardia wordt niet voortdurend in dezelfde hoeveelheid uitgescheiden en ook de gevoeligheid van testen kan verschillen. Blijven de klachten bestaan of past de uitslag niet bij wat je bij je dier ziet, dan is verder onderzoek via de dierenarts verstandig. Ook een positieve thuistest moet je bekijken in combinatie met de klachten van het dier. Zoals hierboven uitgelegd kan Giardia namelijk ook worden aangetoond bij dieren zonder symptomen.


Een positieve test vertelt bovendien niet automatisch dat Giardia de oorzaak van alle klachten is. Giardia kan namelijk ook worden aangetoond bij honden en katten die geen klachten hebben. De uitslag moet daarom worden beoordeeld samen met de symptomen, leeftijd, voorgeschiedenis en omstandigheden van het dier.


Ook een positieve test ná behandeling moet zorgvuldig worden geïnterpreteerd. Sommige antigeentesten en PCR-tests kunnen nog een tijd positief blijven en zijn daarom niet altijd geschikt om vast te stellen of een behandeling is mislukt of dat het dier opnieuw besmet is geraakt. Wanneer klachten na behandeling aanhouden, kan de dierenarts bepalen welk vervolgonderzoek het meest geschikt is.

Moet een Giardia-positieve hond of kat altijd behandeld worden?

Nee. Een positieve Giardia-test betekent niet automatisch dat iedere hond of kat een medicamenteuze behandeling nodig heeft. Volgens de huidige veterinaire richtlijnen worden vooral dieren behandeld waarbij Giardia wordt aangetoond én die passende maag-darmklachten hebben. Bij een gezond dier zonder klachten kan de afweging anders zijn.


Daarbij wordt niet alleen naar de testuitslag gekeken. Ook leeftijd, ernst en duur van de klachten, leefomgeving en eventuele risico’s voor andere dieren of mensen kunnen meewegen in de beslissing om wel of niet te behandelen.


Bij dieren met klachten kan een behandeling tegen Giardia wel aangewezen zijn. Fenbendazol, onder andere bekend onder de merknaam Panacur, wordt hiervoor veel gebruikt. Afhankelijk van het dier en de situatie kan een dierenarts voor een andere behandeling kiezen. Welke medicatie, dosering en behandelduur passend zijn, hoort daarom bij de beoordeling van het individuele dier.


Belangrijk is ook dat medicatie maar één onderdeel van de aanpak is. Wanneer een dier zichzelf opnieuw besmet via cysten in de omgeving of op de vacht, kan een succesvolle behandeling worden gevolgd door een nieuwe besmetting. Daarom spelen hygiëne en het beperken van herbesmetting een belangrijke rol tijdens de behandeling.


En als een dier geen klachten heeft?


Bij een Giardia-positief dier zonder symptomen is antiparasitaire medicatie niet automatisch nodig. Onnodig behandelen heeft weinig voordeel en kan bovendien bijdragen aan ongewenste effecten en mogelijk aan verminderde gevoeligheid voor geneesmiddelen. Er kunnen wel situaties zijn waarin behandeling toch wordt overwogen, bijvoorbeeld afhankelijk van de leefomgeving en het risico voor andere dieren of kwetsbare mensen. Dat vraagt om een individuele afweging.


Niet behandelen met medicatie betekent overigens niet dat aandacht voor de darmgezondheid, voeding en algemene gezondheid onbelangrijk is. Dat zijn alleen andere onderdelen van de zorg dan het bestrijden van Giardia zelf.

Waarom wordt Giardia na behandeling soms opnieuw gevonden?

Wanneer een hond of kat na behandeling opnieuw positief test of opnieuw diarree krijgt, wordt al snel gedacht dat de behandeling niet heeft gewerkt. Dat hoeft echter niet zo te zijn. Er zijn verschillende verklaringen mogelijk en het is belangrijk om die van elkaar te onderscheiden.


Herbesmetting is een belangrijke mogelijkheid. Giardia-cysten worden via de ontlasting uitgescheiden en kunnen in een vochtige omgeving langere tijd infectieus blijven. Een dier kan daardoor opnieuw cysten opnemen uit de omgeving, maar ook via besmette poten of vacht. Vooral wanneer meerdere dieren samenleven kan het beperken van herbesmetting extra lastig zijn.


Ook kan een behandeling onvoldoende effect hebben gehad. Dat betekent niet automatisch dat het gebruikte middel ‘niet werkt’. Dosering, behandelduur, het daadwerkelijk binnenkrijgen van de medicatie en de individuele situatie kunnen allemaal een rol spelen. Bij aanhoudende klachten is het daarom verstandiger om opnieuw naar het hele beeld te kijken dan op eigen initiatief steeds opnieuw dezelfde kuur te geven.


Daarnaast is opnieuw diarree krijgen niet hetzelfde als opnieuw Giardia hebben. Andere parasieten, voedingsproblemen en verschillende maag-darmaandoeningen kunnen vergelijkbare klachten veroorzaken. Giardia kan bovendien aanwezig zijn zonder zelf de oorzaak van de klachten te zijn.


Een positieve test na behandeling vraagt om interpretatie


Zoals we eerder zagen, zijn niet alle testen geschikt om direct na behandeling vast te stellen of Giardia verdwenen is. Antigeentesten en PCR kunnen nog positief zijn zonder dat daaruit automatisch blijkt dat de behandeling heeft gefaald. Bij aanhoudende klachten kan daarom gericht vervolgonderzoek nodig zijn.


Steeds opnieuw behandelen op basis van alleen een positieve test is dus niet automatisch de beste aanpak. Kijk naar de klachten, de gebruikte test, de behandeling, mogelijke herbesmetting en de gezondheid van het individuele dier.

Hoe voorkom je herbesmetting? Hygiëne bij Giardia

Bij Giardia is medicatie alleen niet het hele verhaal. Een hond of kat kan tijdens of na de behandeling opnieuw Giardia-cysten opnemen uit de omgeving. Goede hygiëne helpt daarom om de hoeveelheid besmettelijke cysten in de leefomgeving te verminderen en zo de kans op herbesmetting te beperken.


Ontlasting snel verwijderen is één van de belangrijkste maatregelen. Giardia-cysten zijn direct besmettelijk zodra ze met de ontlasting worden uitgescheiden. Ruim ontlasting daarom zo snel mogelijk op en voorkom waar mogelijk dat andere dieren ermee in contact komen.


Daarnaast kun je tijdens een Giardia-besmetting extra aandacht besteden aan:


• Voer- en drinkbakken dagelijks grondig reinigen.

• Kattenbakken dagelijks schoonmaken en goed laten drogen voordat je ze opnieuw vult.

• Dekens, mandhoezen en ander wasbaar textiel regelmatig wassen en goed drogen.

• Harde oppervlakken goed reinigen; stoom en hoge temperaturen kunnen hierbij nuttig zijn.

• Na het reinigen oppervlakken goed laten drogen — Giardia-cysten zijn gevoelig voor uitdroging.

• Voorkomen dat dieren uit plassen of ander mogelijk besmet water drinken.


Vergeet de vacht niet


Giardia-cysten kunnen via ontlasting aan de vacht blijven kleven, vooral rond de achterhand. Een dier kan deze cysten vervolgens tijdens het wassen of likken opnieuw binnenkrijgen. Het reinigen van de vacht kan daarom onderdeel zijn van de aanpak. Veterinaire richtlijnen adviseren bij geïnfecteerde dieren wassen om cysten en ontlastingsresten uit de vacht te verwijderen; bij honden wordt dit onder andere rond het begin en/of einde van de behandeling toegepast.


Moet je het hele huis ontsmetten?


Het doel is niet om je huis volledig steriel te maken — dat is praktisch ook niet mogelijk. Vooral buiten zijn gras, aarde en andere oppervlakken moeilijk te ontsmetten. Richt je daarom op maatregelen die wél uitvoerbaar zijn: ontlasting snel verwijderen, besmet textiel en materialen reinigen, voer- en drinkbakken schoonhouden, de vacht verzorgen en vochtige oppervlakken na reiniging goed laten drogen.


En hoe zit het met Virkon S en Halamid-D?


Producten zoals Virkon S en Halamid-D worden gebruikt voor desinfectie in dieromgevingen en je komt ze daarom ook regelmatig tegen in adviezen rondom Giardia. Dat betekent echter niet automatisch dat ieder desinfectiemiddel aantoonbaar werkzaam is tegen Giardia-cysten.


Wil je een desinfectiemiddel gebruiken, controleer dan altijd de actuele productinformatie voor de juiste toepassing, verdunning, contacttijd en het oppervlak waarop het gebruikt mag worden. Eerst grondig reinigen en daarna pas desinfecteren is daarbij belangrijk, omdat vuil en organisch materiaal de werking van desinfectiemiddelen kunnen beïnvloeden.


Voor Giardia blijven ook praktische maatregelen zoals hitte of stoom waar dat mogelijk is, reinigen en goed laten drogen belangrijk. Gebruik desinfectiemiddelen bovendien nooit op het dier zelf, tenzij een product daar uitdrukkelijk voor is bedoeld.


Hygiëne kan herbesmetting helpen beperken, maar biedt geen garantie dat een dier niet opnieuw met Giardia in aanraking komt.

Infographic over hygiëne en het beperken van herbesmetting met Giardia bij honden en kattenInfographic over hygiëne en het beperken van herbesmetting met Giardia bij honden en katten

Goede hygiëne helpt de hoeveelheid Giardia-cysten in de omgeving te verminderen en zo de kans op herbesmetting te beperken.

Welke voeding past bij een hond of kat met Giardia?

Er bestaat niet één speciaal ‘Giardia-dieet’ dat voor iedere hond of kat geschikt is. Bij een dier met diarree is het vooral belangrijk dat de voeding goed verteerbaar, compleet en passend bij de klachten van het individuele dier is.


Giardia kan de werking van de dunne darm verstoren en daarmee ook de vertering en opname van voedingsstoffen beïnvloeden. Bij sommige dieren kan daarom tijdelijk een andere voeding passend zijn. Welk type voeding het beste wordt verdragen, verschilt echter per dier.


ESCCAP noemt bij klinische giardiose een voeding met minder koolhydraten en voldoende goed verteerbaar eiwit als mogelijke ondersteunende maatregel. Tegelijkertijd benadrukt de richtlijn dat voedingsaanpassingen per individueel dier moeten worden beoordeeld.


Is graanvrij beter bij Giardia?


Niet automatisch. Graanvrij en koolhydraatarm betekenen niet hetzelfde. Een graanvrije voeding kan bijvoorbeeld aardappel, erwten of andere zetmeelbronnen bevatten en daardoor nog steeds behoorlijk wat koolhydraten leveren.


Andersom hoeft een voeding mét granen niet ongeschikt te zijn. Goed bereide zetmeelbronnen kunnen door honden goed worden verteerd. Er is op dit moment onvoldoende bewijs om graanvrij voeren als algemene behandeling of standaardadvies bij Giardia aan te bevelen.


Kijk daarom liever naar de totale samenstelling, verteerbaarheid en hoe het individuele dier op de voeding reageert dan alleen naar het woord ‘graanvrij’.


Is zo min mogelijk koolhydraten dan beter?


Ook dat is te eenvoudig. Wanneer het aandeel koolhydraten in een voeding sterk wordt verlaagd, verandert automatisch de verhouding met andere voedingsstoffen. De energie moet immers uit andere bronnen komen, waardoor een voeding bijvoorbeeld relatief meer vet kan bevatten.


Bij een dier met diarree is een hoger vetgehalte niet automatisch wenselijk. Giardia kan bij klinisch aangedane dieren bovendien samengaan met een verminderde opname van vetten. Koolhydraatarm is daarom niet hetzelfde als darmvriendelijk.


De beste keuze hangt af van het totale voedingsprofiel én van het dier: de ernst van de diarree, lichaamsconditie, leeftijd, andere aandoeningen en hoe de huidige voeding wordt verdragen spelen allemaal mee.


Vers vlees of gestoomde voeding bij Giardia?


Ook over vers vlees bestaan veel verschillende adviezen bij Giardia. Soms wordt aangeraden om direct te stoppen met rauwe voeding en over te stappen op gestoomde of andere verhitte voeding. Er is echter geen algemene regel dat iedere hond of kat met Giardia beter af is met gestoomde voeding.


Een complete rauwe voeding kan door sommige dieren goed worden verdragen, terwijl een ander dier met diarree tijdelijk beter reageert op een goed verteerbare verhitte voeding. Daarbij is niet alleen de bereidingswijze belangrijk, maar ook de volledige samenstelling van de voeding, waaronder het vetgehalte, de verteerbaarheid en de gebruikte ingrediënten.


Rauwe vleesvoeding brengt wel een extra aandachtspunt met zich mee: rauw vlees kan ziekteverwekkende bacteriën en bepaalde parasieten bevatten. WSAVA wijst daarom op microbiologische risico’s van rauwe vleesvoeding voor zowel het dier als mensen in het huishouden. Dat risico staat los van Giardia zelf, maar kan bij een dier met maag-darmklachten wel meewegen in de voedingskeuze.


Gestoomde of anderszins voldoende verhitte voeding heeft dat specifieke risico van rauw vlees niet en kan, wanneer de samenstelling goed bij het dier past, een praktische keuze zijn tijdens een periode met darmklachten. Maar ook ‘gestoomd’ is op zichzelf geen garantie dat een voeding geschikt is: een te vetrijke of slecht verdragen voeding wordt niet automatisch darmvriendelijk doordat deze gestoomd is.


Kortom: vers vlees is niet automatisch verkeerd bij Giardia en gestoomde voeding is niet automatisch beter. Kijk naar het individuele dier, de klachten én de volledige samenstelling van de voeding.

Infographic over voeding en darmgezondheid bij Giardia met een Duitse Dog en katInfographic over voeding en darmgezondheid bij Giardia met een Duitse Dog en kat

Bij Giardia bestaat geen standaardvoeding die voor ieder dier geschikt is. Goede verteerbaarheid, de totale samenstelling en wat de hond of kat zelf verdraagt zijn bepalend.

Darmgezondheid ondersteunen bij Giardia: kunnen supplementen helpen?

Giardia speelt zich af in de dunne darm en kan bij dieren met klachten de normale vertering en opname van voedingsstoffen verstoren. Aanhoudende diarree en andere maag-darmklachten kunnen daarnaast invloed hebben op de darmfunctie en het darmmicrobioom. Het is daarom logisch om bij een dier met klinische Giardia niet alleen naar de parasiet te kijken, maar ook aandacht te hebben voor herstel en ondersteuning van de darmen.


Supplementen kunnen daarbij in sommige situaties een aanvullende rol spelen. Denk bijvoorbeeld aan producten met probiotica, prebiotica of andere ingrediënten die bedoeld zijn ter ondersteuning van de darmfunctie en het darmmilieu. Welke ondersteuning zinvol is, hangt af van het individuele dier, de klachten, de voeding en eventuele andere gezondheidsproblemen.


Probiotica en prebiotica kunnen bij bepaalde maag-darmaandoeningen worden ingezet om het microbioom te beïnvloeden. Er is echter nog onvoldoende betrouwbaar bewijs om te stellen dat probiotica Giardia zelf behandelen of ervoor zorgen dat de parasiet verdwijnt. Merck noemt aanvullende therapieën zoals probiotica bij giardiose expliciet als een gebied waarvoor het bewijs nog beperkt is.


Ondersteunen is iets anders dan Giardia bestrijden


Dat onderscheid is belangrijk. Een darmondersteunend supplement kan worden gekozen om bijvoorbeeld de normale darmfunctie, ontlasting of microbiële balans te ondersteunen, maar het vervangt geen antiparasitaire behandeling wanneer die voor het dier nodig is.


Er bestaan daarnaast verschillende supplementen met kruiden, vezels, vetzuren of andere ingrediënten die worden gebruikt ter ondersteuning van het darmmilieu. Soms wordt daarbij gezegd dat ze de darm ‘minder aantrekkelijk’ maken voor parasieten. Voor zo'n specifiek effect tegen Giardia is op dit moment onvoldoende wetenschappelijk bewijs om dat als zekerheid te presenteren.


Dat betekent niet dat dergelijke ondersteuning per definitie geen plaats heeft. Het betekent vooral dat we onderscheid moeten maken tussen wat een supplement ondersteunt en wat daadwerkelijk bewezen is tegen Giardia.


Geen standaard supplement voor iedere Giardia-hond of -kat


De ene hond heeft na een periode met diarree mogelijk baat bij gerichte darmondersteuning, terwijl een andere hond vooral geholpen is met aanpassing van de voeding of helemaal geen extra supplement nodig heeft. Hetzelfde geldt voor katten.


Er bestaat daarom geen standaard ‘Giardia-supplement’ dat bij ieder dier nodig of geschikt is. Kijk naar de klachten, voeding, ontlasting, leeftijd, eventuele medicatie en de totale gezondheid van het dier voordat je bepaalt welke ondersteuning passend kan zijn.

Welke rol speelt de weerstand bij Giardia?

Het immuunsysteem en de darmen zijn nauw met elkaar verbonden. De darmwand vormt een belangrijke barrière tussen het lichaam en de buitenwereld en in het maag-darmkanaal vinden voortdurend interacties plaats tussen het immuunsysteem, micro-organismen en stoffen uit de voeding.


Bij Giardia speelt de afweer van het individuele dier mede een rol in hoe een besmetting verloopt. Dat helpt verklaren waarom het ene dier nauwelijks klachten heeft, terwijl een ander dier na besmetting duidelijke maag-darmproblemen ontwikkelt. Vooral jonge dieren kunnen gevoeliger zijn voor klinische klachten.


Toch is het te eenvoudig om terugkerende Giardia uitsluitend toe te schrijven aan een ‘lage weerstand’. Blootstelling aan Giardia-cysten, herbesmetting vanuit de omgeving, leeftijd, andere darmproblemen en de algemene gezondheid van het dier kunnen allemaal een rol spelen.


Een goed functionerend immuunsysteem ondersteunen is daarom onderdeel van het totaalplaatje, maar geen behandeling waarmee je Giardia kunt verwijderen. Goede en passende voeding, voldoende rust en beweging, een gezond lichaamsgewicht en aandacht voor de darmgezondheid vormen samen de basis.


Kun je de weerstand ‘verhogen’ met een supplement?


Zoals we ook in ons uitgebreide artikel over weerstand uitleggen, werkt het immuunsysteem niet als een knop die je met één supplement simpelweg hoger kunt zetten. Supplementen kunnen in bepaalde situaties gericht ondersteuning bieden, maar welk product passend is, hangt af van het individuele dier.


Bij een hond of kat met Giardia kijken we daarom niet alleen naar de vraag ‘wat kan ik geven voor de weerstand?’, maar vooral naar wat dit dier op dit moment nodig heeft.



Giardia bij pups en kittens: extra aandacht voor jonge dieren

Giardia wordt relatief vaak aangetroffen bij jonge honden en katten. Pups en kittens kunnen bovendien duidelijker klachten ontwikkelen dan gezonde volwassen dieren. Hun maag-darmstelsel en immuunsysteem zijn nog in ontwikkeling en diarree kan bij jonge dieren sneller gevolgen hebben voor hun algemene conditie.


Vooral aanhoudende of ernstige diarree, braken, slecht drinken of eten, lusteloosheid en gewichtsverlies verdienen bij een pup of kitten extra aandacht. Door vochtverlies kunnen jonge dieren sneller uitdrogen. Wacht daarom bij een duidelijk zieke pup of kitten niet af, maar neem contact op met een dierenarts.


Ook bij jonge dieren geldt dat een positieve Giardia-test niet automatisch het hele verhaal vertelt. Andere parasieten, infecties, voedingsproblemen en andere oorzaken van diarree kunnen tegelijkertijd of afzonderlijk een rol spelen. Bij aanhoudende klachten is het daarom belangrijk om niet alleen Giardia, maar het hele dier en de mogelijke oorzaken van de klachten te beoordelen.


Goede voeding, hygiëne en waar passend ondersteuning van de darmgezondheid kunnen onderdeel zijn van de totale aanpak. Ook bij pups en kittens bestaat echter geen standaard supplement of voedingsadvies dat voor ieder Giardia-positief dier geschikt is.

Giardia bij meerdere dieren in huis: moet je iedereen behandelen?

Wanneer één hond of kat Giardia heeft, betekent dat niet automatisch dat alle andere dieren in huis ook ziek worden of medicatie nodig hebben. Wel kunnen dieren die samenleven aan dezelfde besmettingsbron worden blootgesteld en Giardia-cysten via de omgeving verspreiden.


Hebben andere dieren ook diarree of andere passende maag-darmklachten, dan is het verstandig om met de dierenarts te bespreken of onderzoek naar Giardia en eventuele andere oorzaken nodig is. Dieren zonder klachten hoeven niet standaard allemaal preventief behandeld te worden. De afweging kan anders zijn in bijvoorbeeld kennels, catteries, fokomgevingen of huishoudens met kwetsbare mensen of dieren.


In een huishouden met meerdere dieren is goede hygiëne extra belangrijk. Ruim ontlasting snel op, houd kattenbakken, voer- en drinkbakken en slaapplaatsen schoon en probeer te voorkomen dat dieren met besmette ontlasting in aanraking komen. Daarmee verklein je de hoeveelheid Giardia-cysten waaraan de dieren opnieuw kunnen worden blootgesteld.


Kan Giardia van hond of kat op mensen overgaan?


In theorie kan dat, maar het risico lijkt klein. Giardia duodenalis kent verschillende genetische groepen, zogenaamde assemblages. Sommige komen vooral bij mensen voor, andere vooral bij honden of katten en sommige kunnen meerdere diersoorten infecteren.


Volgens ESCCAP wordt het risico dat mensen Giardia oplopen van honden of katten als zeer laag beschouwd. Ook CAPC geeft aan dat infecties bij mensen voornamelijk van andere mensen afkomstig zijn en dat overdracht vanuit honden of katten zeldzaam lijkt.


Dat betekent niet dat hygiëne onbelangrijk is. Was je handen goed na contact met ontlasting, na het schoonmaken van een kattenbak en vóór het eten of bereiden van voedsel. Extra voorzichtigheid is verstandig wanneer er jonge kinderen of mensen met een verminderde afweer in het huishouden wonen.


Krijgt iemand in het huishouden zelf maag-darmklachten terwijl een huisdier Giardia heeft, neem dan contact op met de huisarts en vermeld dat er Giardia bij een huisdier is vastgesteld. Dat zowel mens als dier Giardia heeft, bewijst overigens niet automatisch dat de één de ander heeft besmet.

Wat als de klachten na een Giardia-behandeling blijven terugkomen?

Blijft een hond of kat na behandeling diarree houden of keren de klachten steeds terug, dan is het verleidelijk om ervan uit te gaan dat Giardia nog steeds de oorzaak is. Maar dat hoeft niet zo te zijn.


Wanneer de klachten niet verbeteren, kan opnieuw onderzoek naar Giardia zinvol zijn. Daarbij is ook het moment en het type test belangrijk. De actuele ESCCAP-richtlijn adviseert bij aanhoudende klachten om kort na de behandeling opnieuw te testen om een persisterende infectie te onderscheiden van een latere herbesmetting.


Wordt Giardia niet meer aangetoond maar blijven de klachten bestaan, dan moet ook naar andere mogelijke oorzaken worden gekeken. ESCCAP noemt onder andere andere protozoaire infecties, chronische inflammatoire darmaandoeningen en voedselgerelateerde problemen als mogelijke verklaringen die verder onderzoek kunnen vragen.


Ook wanneer Giardia opnieuw wordt aangetoond, kan er meer spelen. Herbesmetting vanuit de omgeving is mogelijk, maar ook onvoldoende effect van de behandeling, een andere aandoening of een combinatie van factoren kan een rol spelen.


Niet automatisch opnieuw dezelfde behandeling


Terugkerende diarree betekent dus niet automatisch: opnieuw dezelfde Giardia-kuur. Zeker wanneer een dier meerdere keren behandeld is of de klachten blijven terugkomen, is het verstandig om samen met de dierenarts opnieuw naar het hele beeld te kijken.


Daarbij kunnen onder andere de eerdere testuitslagen, gebruikte medicatie, voeding, ontlasting, hygiëne, mogelijke herbesmetting en de algemene gezondheid van het dier worden meegenomen.


Soms ligt de volgende stap bij een nieuwe behandeling, soms bij aanvullend onderzoek en soms bij ondersteuning van voeding of darmgezondheid. Wat passend is, verschilt per dier.

Infographic over het beperken van terugkerende Giardia bij hond en katInfographic over het beperken van terugkerende Giardia bij hond en kat

Bij terugkerende Giardia-klachten draait het om het totaalplaatje: onderzoek, hygiëne, passende voeding, darmgezondheid en begeleiding die past bij het individuele dier.

Giardia vraagt om meer dan alleen een positieve test

Giardia kan behoorlijk hardnekkig lijken, zeker wanneer een hond of kat langere tijd darmklachten heeft of na een behandeling opnieuw positief test. Toch bestaat er geen standaardaanpak die voor ieder dier hetzelfde is.


Een goede aanpak begint daarom bij het hele plaatje: heeft het dier daadwerkelijk klachten, hoe is Giardia vastgesteld, is behandeling nodig, hoe groot is de kans op herbesmetting en zijn er misschien andere oorzaken voor de darmproblemen?


Wanneer behandeling nodig is, kan antiparasitaire medicatie daar onderdeel van zijn. Tegelijk zijn hygiëne en het beperken van herbesmetting belangrijk. Passende voeding en, wanneer daar aanleiding voor is, gerichte ondersteuning van de darmgezondheid kunnen daarnaast onderdeel zijn van de totale begeleiding.


Voeding of supplementen vervangen een noodzakelijke behandeling niet, maar een Giardia-behandeling betekent óók niet dat voeding en darmgezondheid er niet toe doen. Welke combinatie passend is, verschilt per hond of kat.


Blijven klachten terugkomen, wordt een dier ziek of twijfel je over de juiste aanpak, laat dan verder onderzoeken wat er speelt in plaats van alleen opnieuw dezelfde behandeling te herhalen.


Bij Giardia behandelen we uiteindelijk niet alleen een testuitslag — we kijken naar het individuele dier.

Bronnen en verder lezen

Voor dit artikel hebben we onder andere gebruikgemaakt van actuele veterinaire informatie en richtlijnen van het Merck Veterinary Manual, de European Scientific Counsel Companion Animal Parasites (ESCCAP) en de Companion Animal Parasite Council (CAPC) over Giardia bij honden en katten, waaronder diagnose, behandeling, herbesmetting en hygiënemaatregelen.

Heeft jouw hond of kat Giardia of blijven de darmklachten terugkomen? Iedere situatie is anders. Kijk daarom niet alleen naar de positieve test, maar ook naar voeding, ontlasting, darmgezondheid, leefomgeving, eventuele medicatie en de algemene gezondheid van je dier.


Wil je weten welke voeding of aanvullende darmondersteuning eventueel bij jouw hond of kat kan passen? Neem gerust contact met ons op. We denken graag met je mee. Bij aanhoudende, ernstige of terugkerende klachten blijft onderzoek en begeleiding door een dierenarts belangrijk.

HonKa Petproducts

Meer Leesvoer

Weerstand bij honden en katten: hoe ondersteun je het immuunsysteem?Weerstand bij honden en katten: hoe ondersteun je het immuunsysteem?
Weerstand bij honden en katten: hoe ondersteun je het immuunsysteem?

Een goede weerstand is belangrijk voor de gezondheid van honden en katten. Het immuunsysteem helpt het lichaam om zich te verdedigen tegen ziekteverwekkers en reageert voortdurend op wat er in én rondom het lichaam gebeurt.

Maar kun je de weerstand van je hond of kat eigenlijk ‘verhogen’? Zo eenvoudig ligt het niet. Een gezond immuunsysteem heeft vooral behoefte aan de juiste omstandigheden om normaal te kunnen functioneren. Denk aan complete voeding, een gezond lichaamsgewicht, voldoende beweging en rust, een goed functionerend maag-darmstelsel en passende veterinaire preventieve zorg.

Ook darmgezondheid, omega-3-vetzuren, probiotica en supplementen worden vaak in verband gebracht met weerstand. Maar wanneer zijn die werkelijk zinvol en wanneer heeft een gezond dier ze helemaal niet nodig?

In dit artikel leggen we uit hoe het immuunsysteem werkt, welke factoren invloed kunnen hebben op de weerstand van honden en katten en wat je zelf kunt doen om hun gezondheid op een verantwoorde manier te ondersteunen.

Mono-protein hondenvoer: wat is het en wanneer kan het nuttig zijn?Mono-protein hondenvoer: wat is het en wanneer kan het nuttig zijn?
Mono-protein hondenvoer: wat is het en wanneer kan het nuttig zijn?

De term mono-protein kom je steeds vaker tegen op hondenvoeding en snacks. Het betekent dat er één dierlijke eiwitbron wordt gebruikt. Dat kan handig zijn wanneer je bewust wilt weten welke dierlijke eiwitten je hond binnenkrijgt, bijvoorbeeld wanneer je bepaalde eiwitbronnen wilt vermijden.

Maar mono-protein betekent niet automatisch dat een voeding hypoallergeen is of geschikt is als eliminatiedieet. En voor een gezonde hond die zijn voeding goed verdraagt, is één dierlijke eiwitbron ook niet per definitie beter dan meerdere eiwitbronnen.

In dit artikel leggen we uit wat mono-protein hondenvoer precies is, wanneer het nuttig kan zijn en waar je op kunt letten bij het kiezen van een voeding met één dierlijke eiwitbron.

Graanvrij hondenvoer: wat is het en wanneer kies je ervoor?Graanvrij hondenvoer: wat is het en wanneer kies je ervoor?
Graanvrij hondenvoer: wat is het en wanneer kies je ervoor?

Graanvrij hondenvoer is de afgelopen jaren steeds populairder geworden. Daardoor kan al snel de indruk ontstaan dat voeding zonder granen automatisch beter of gezonder is voor iedere hond. Maar zo eenvoudig ligt het niet.

De meeste honden kunnen granen prima verdragen en er is niet automatisch een reden om voor graanvrij voer te kiezen. Tegelijkertijd kan een graanvrije voeding in bepaalde situaties wél een bewuste keuze zijn.

In dit artikel leggen we uit wat graanvrij hondenvoer precies is, welke rol granen in hondenvoeding kunnen spelen, wanneer graanvrij wel of niet zinvol kan zijn en waarom het belangrijker is om naar de volledige samenstelling van een voeding te kijken dan naar één woord op de verpakking.

Gestoomde vleesworst voor je hond: wat is het en hoe geef je het?Gestoomde vleesworst voor je hond: wat is het en hoe geef je het?
Gestoomde vleesworst voor je hond: wat is het en hoe geef je het?

Gestoomde vleesworst is een praktische manier om vleesrijke voeding aan je hond te geven. Maar wat is gestoomde hondenvoeding eigenlijk? Is het hetzelfde als vers of rauw vlees, kun je het als volledige maaltijd geven en hoe combineer je het met brokken? In dit artikel leggen we uit hoe het zit en waar je op kunt letten.

Geperste of krokante brokken: wat is het verschil?Geperste of krokante brokken: wat is het verschil?
Geperste of krokante brokken: wat is het verschil?

Geperst voer en krokante brokken worden op een andere manier gemaakt. Maar wat betekent dat eigenlijk voor je hond? We leggen uit wat de verschillen zijn, welke voor- en nadelen vaak worden genoemd en waarom de ene soort niet automatisch beter is dan de andere.